'Ik dacht dat ik aseksueel was, maar wat blijkt: ik had gewoon slechte seks'

zondag, 25 januari 2026 (09:51) - Cosmopolitan NL

In dit artikel:

Als tiener voelde de vertelster weinig seksuele opwinding, maar dat veranderde niet meteen haar overtuiging over haar seksualiteit—ze had parasociale crushes en enkele korte relaties. Toen ze op haar 18e naar de universiteit ging, begon ze seks serieuzer te verkennen, maar veel ontmoetingen waren ongemakkelijk of traumatisch: onaangename hookups, een partner met erectieproblemen, en eenmalige seks met iemand die mogelijk tijdelijk dakloos was. Die ervaringen deden haar twijfelen of ze seks überhaupt nog wel wilde.

In een zorgzame relatie met “Cole” ontdekte ze voor het eerst dat seks prettig en bespreekbaar kon zijn. Na hun breuk raakte ze echter opnieuw in relaties met mannen die haar relatie tot seks beschadigden—partners bij wie ze het gevoel had zichzelf te moeten bewijzen vanwege haar trans-zijn. Uit zelfbescherming koos ze voor een jaar celibaat. Ze besteedde die tijd aan herstel en zelfontwikkeling: rotsklimmen, acteerlessen en mindfulness hielpen haar lichaam en geest te verbinden. Opmerkelijk was dat ze seks tijdens die periode niet miste, maar wel het gevoel van verbinding.

In therapie bracht ze haar lage libido ter sprake en uitte de angst dat ze aseksueel zou kunnen zijn—een extra label dat zij als belastend ervoer naast haar transidentiteit en mentale worstelingen. Haar therapeut onderzocht andere mogelijke oorzaken, zoals onderdrukt seksueel trauma of invloed van genderdysforie en lichaamsdysmorfie, maar gaf geen definitief antwoord. Gesprekken met vrienden leverden onverwachte inzichten op: veel transfeminiene kennissen ervoeren juist meer sensualiteit na medische bevestiging, terwijl meerdere cis-vriendinnen soortgelijke perioden van vrijwillig celibaat hadden doorgemaakt. Gezamenlijk ontdekten ze dat het vaak niet ging om afwezigheid van verlangen, maar om afkeer van de slechte seksuele ervaringen die ze eerder hadden meegemaakt.

Wanneer ze weer ging daten, ontmoette ze Levi, een mannelijk model met wie ze eerder had gewerkt. Zij nam het voortouw in het uitleggen van haar lichaam en grenzen—een gesprek dat Levi open en nieuwsgierig tegemoet trad. Hun ontmoeting op een avond in Lower Manhattan mondde uit in een veilige, respectvolle seksuele ervaring die weliswaar geen orgasme opleverde, maar wel helderheid gaf: goede communicatie en een niet-egoïstische houding maken seks exploratief en plezierig. Die confrontatie met angst en het durven proberen gaf haar vertrouwen dat ze juist wél seks wilde — mits de omstandigheden klopten.

Kortom: haar periode van afkeer van seks bleek niet per se aseksualiteit, maar het resultaat van herhaalde slechte ervaringen en onveiligheid. Met tijd, zelfzorg, therapie en een partner die luistert, hervond ze het verlangen en leerde ze het onderscheid tussen slechte seks en afwezigheid van seksueel verlangen.