Brabus Bodo: Een monster van koolstofvezel met een V12-motor en 1.000 pk dat hybride auto's belachelijk maakt.
In dit artikel:
Brabus presenteert de Bodo: een extreme, exclusieve “Hyper‑GT” die het bedrijf ziet als een luidruchtig eerbetoon aan oprichter Bod Buschmann. In plaats van mee te gaan in de elektrische trend bouwde Brabus een zwaar opgevoerde, handgemaakte sportwagen op basis van de Aston Martin Vanquish‑architecture, met een 5,2‑liter twin‑turbo V12 onder de langere motorkap. Die motor levert 745 kW (1.000 pk) en 1.200 Nm koppel, waardoor de 1.910 kg zware auto in ongeveer 3 seconden naar 100 km/u sprint en een topsnelheid van circa 360 km/u haalt.
De carrosserie is compleet nieuw en vervaardigd uit zwart carbon op een aluminium frame; de lijnen zijn hoekiger en agressiever, met een actieve achterspoiler en 21‑inch Monoblock‑wielen die de auto het uiterlijk van een “moderne superschurk” geven. Kleine, theatrale details zoals gouddeeltjes in het motorcompartiment benadrukken dat esthetiek en exclusiviteit boven praktische redenen staan. Het interieur combineert Aston Martin‑erfgoed met Brabus‑aanpassingen: veel zwart leder, carbon afwerking, verlengde schakelpaddles, een groot panoramadak en een volledig operationeel infotainmentsysteem (inclusief Apple CarPlay). In tegenstelling tot veel exotische auto’s is de Bodo ontworpen als echte grand tourer: er zijn bruikbare achterstoelen en een kofferbak zodat lange ritten met bagage mogelijk blijven.
Brabus bouwt slechts 77 exemplaren — een verwijzing naar het oprichtingsjaar 1977 — en de prijs ligt officieel ruim boven de miljoen euro, waarmee de Bodo zich richt op zeer vermogende verzamelaars die op zoek zijn naar status, geluid en ongeremde prestatie. De maker positioneert de auto bewust als antithese van de huidige, electrificatie‑georiënteerde automarkt: luid, overdreven en emotioneel aansprekend in plaats van stil, efficiënt en “politiek correct”.
Kortom: de Brabus Bodo is geen rationele aankoop maar een statement‑wagen: technisch hoogstaand en ijzersterk gepresenteerd als een zeldzaam stuk autokunst dat vermogen, luxe en theatrale flair combineert. Voor autoliefhebbers die drama en exclusiviteit zoeken is het een spectaculaire, maar dure keuze; voor critici blijft het vooral een provocatie in een tijdperk van verduurzaming.