25 jaar na het allereerste homohuwelijk neemt de acceptatie af - hoe kan dit volgens een expert?
In dit artikel:
Het is 25 jaar geleden dat in Amsterdam het eerste homohuwelijk ter wereld officieel werd voltrokken, maar die trots staat tegenwoordig onder druk: de groei in sociale acceptatie van LHBTIQ+-personen in Nederland stokt sinds ongeveer 2021 en voor sommige groepen — vooral trans- en non-binaire mensen — lijkt acceptatie zelfs te dalen. Politicoloog Anne Louise Schotel (promoveerde aan de UvA op dit thema) signaleert dat opinieonderzoek nog steeds relatief hoge acceptatieniveaus toont, maar dat de eerdere stijgende lijn is veranderd in “een rechte lijn.”
Tegelijkertijd zijn meldingen van discriminatie en geweld toegenomen: geregistreerde incidenten op grond van seksuele gerichtheid stegen van 1.981 in 2020 naar 2.745 in 2024. Schotel verklaart dit niet door één enkele oorzaak, maar noemt een samenloop van factoren die de tegenreactie heeft versterkt.
Centraal in haar analyse staat de zogenoemde zichtbaarheidsparadox: meer zichtbaarheid van LHBTIQ+-personen — via Pride, Paarse Vrijdag, representation in media en campagnes — vergroot enerzijds herkenning en acceptatie, maar kan anderzijds ook weerstand mobiliseren. Die toegenomen zichtbaarheid wordt in sommige politieke discoursen, vooral van extreem- en radicaal-rechtse hoek, neergezet als iets dat “opgedrongen” zou worden. De coronapandemie speelde volgens Schotel een rol als versterker: sociale vervreemding en toegenomen wantrouwen jegens instituties maakten het klimaat ontvankelijker voor vijandige frames.
Sociale media en online subculturen versterken dit verder. Schotel wijst op de manosphere — netwerken die starre mannelijkheid promoten en vaak vrouwenhaat, homofobie en transfobie aanwakkeren — en op wijdverspreide desinformatie, zoals onterechte claims over transpersonen in openbare toiletten. Ook onderwijsinitiatieven over seksuele en genderdiversiteit worden door tegenstanders snel bestempeld als indoctrinatie.
Ondanks de toegenomen tegenwind benadrukt Schotel dat terugtrekken geen optie is: zichtbaarheid blijft essentieel omdat het structurele geweld en discriminatie helpt verminderen en acceptatie op lange termijn bevordert. Zij pleit voor zichtbare emancipatie-initiatieven (zoals Paarse Vrijdag, Gay–Straight Alliances) en voor goed onderwijs en contactmomenten waarbij jongeren direct in gesprek kunnen met LHBTIQ+-mensen — maatregelen die volgens onderzoek effectief zijn in het terugdringen van pesten en het verbeteren van acceptatie. Uiteindelijk verwacht ze dat na een omslagpunt de weerstand zal afnemen en de groep vanzelfsprekend onderdeel van de samenleving wordt.